Recent toegevoegde artikel(en)
  • Product
  • Aantal
  • Prijs
  1. Er bevinden zich geen producten in je winkelwagen
Wijzig winkelwagen
Eindtotaal 0.-
Subtotaal (inclusief BTW) 0.-
BTW (%) 0.-

Ik behang zelf


Diverse behangZelf behangen is eigenlijk niet helemaal zo lastig. Je dient alleen wel op een aantal dingen te letten. Voordat je echt wilt beginnen zul je eerst moeten bepalen hoeveel rollen je precies nodig hebt voor die ene kamer of bijvoorbeeld de hal. 

Rekenvoorbeeld
Volgend rekenvoorbeeld helpt je om te bepalen hoeveel behang je nodig hebt.

De kamer is 4 x 6 meter. Er is maar één deur en er zijn géén vaste kasten. De hoogte van de wand, gerekend van bovenkant plint tot plafond is 2,10 m. We hebben gekozen voor vinylbehang van 52 cm breed en 10 m lang.

a. De totale breedte van de wanden is 4 + 6 + 4 + 5,1 (-/- deur) = 19,1 m.
b. De totale breedte van de wanden gedeeld door de breedte van het behang is 19,1 m : 52 cm = 36,73. Dat ronden we naar boven af, we hebben dus 37 banen nodig.
c. De hoogte van de wand + 10 cm is 2,10 + 0,10 = 2,20 m
d. De lengte van de rol, gedeeld door de hoogte van de wand + 10 cm is 10 m : 2,20 m = 4,54. Dit getal ronden we naar beneden af, we kunnen dus 4 hele banen uit elke rol halen.
e. Het aantal banen dat nodig is, gedeeld door het aantal hele banen per rol is 37 : 4 = 9,25. Dat ronden we naar boven af, we hebben dus 10 rollen behang nodig.

Je hebt uitgerekend hoeveel rollen je nodig hebt en je hebt deze inmiddels ook in huis. Dan nog even de te behangen ruimte behangklaar maken en je kunt beginnen met behangen.

Ruimte behangklaar maken

  1. Maak de ruimte die je gaat behangen zover mogelijk leeg.
  2. Bedek de vloer met afdekfolie. Zet deze op de plinten vast met tape.
  3. Verwijder haakjes, spijkers, stopcontacten, schakelaars en de thermostaat van de muren. Schakel wel eerst de stroom uit!
  4. Verwijder het oude behang. Wij adviseren je om dat in alle gevallen te doen. Als het oude behang reliëfbehang is, moet je het zeker doen, omdat anders het oude patroon zichtbaar blijft door het nieuwe behang heen. Hoe gladder en strakker de ondergrond is, hoe mooier het resultaat zal zijn. Er zijn drie verschillende methoden om oud behang te verwijderen

    a. Droog verwijderen
    Deze methode gebruik je voor afstripbaar behang. Met een plamuurmes maak je een bovenhoek van het behang los. Daarna trek je het behang met twee handen voorzichtig schuin naar beneden. Hou daarbij uw handen zo dicht mogelijk bij de wand.

    Behang verwijderenb. Nat verwijderen
    Papier-behang kun je het beste nat verwijderen. Daarvoor kun je kiezen uit inweken of stomen. Als je gaat inweken, gebruik je een behang-afweekmiddel dat je aanlengt met water (zie de gebruiksaanwijzing op de verpakking voor verdere aanwijzingen). Van deze oplossing breng je met een spons, een witkwast of een plantespuit flink wat aan op het oude behang. Na een kwartier kun je met een breed plamuurmes het behang wegsteken. Als er meerdere lagen behang op de wand zitten, moet je deze behandeling misschien een paar keer herhalen. Stomen gaat meestal nog sneller. Dat doe je met behulp van een behangafstoomapparaat, deze kun je bij Formido huren. Daar wordt een gebruiksaanwijzing bijgeleverd.

    c. Combinatie-methode
    Een combinatie van de methodes a. en b. gebruik je voor stripbaar, voor waterdicht en voor beschilderd behang. Bij stripbaar behang verwijder je de bovenlaag droog, met een plamuurmes zoals we bij zijn, dan moet je die ook verwijderen. Dat doet je zoals bij b. staat aangegeven. Vinylbehang is een waterdichte behangsoort; het laat geen vocht door. Dat geldt ook voor behang waar overheen geschilderd is. Je schuurt daarom eerst het oppervlak open met een vlakschuurmachine en grof schuurpapier, of je perforeert de laag met een behangperforator. Hierna kun je het behang nat verwijderen zoals bij b. staat aangegeven.
     
  5. Maak de wanden schoon door behangresten, lijmresten of muurverf weg te wassen. Doe dat met warm water en een harde borstel.
  6. Repareer kapotte plekken met een vulmiddel. Schuur de plekken daarna vlak. Hoe je de wanden het beste kunt repareren, lees je in KlusZo Stukadoren en Sierpleisteren.
  7. Test de zuigkracht van de wand met een beetje water. Trekt dit erg snel in de wand, dan weet je dat het behangplaksel ook erg snel in de wand zal trekken. Dat zou betekenen dat je het behang niet op z’n plaats kunt schuiven nadat je het opgebracht hebt. Breng dan een verdunde behanglijm op voordat je gaat behangen. Laat de wand daarna een dag drogen. Op plaatsen die je gerepareerd hebt, moet je deze behandeling in elk geval toepassen! Blijft het water juist als pareltjes op de wand staan, dan heeft de wand te weinig zuigkracht en zou het behang er af kunnen vallen als je gewone behanglijm gebruikt. In dat geval kun je de wand opschuren zodat het behang beter aan de wand hecht.


Nog een paar tips

Structuurpleister
Wil je een wand behangen waarop structuurpleister zit? Pleister de wand dan eerst glad.

Controleer op kleur
Nadat je hebt gecontroleerd of de aanmaaknummers op alle rollen behang hetzelfde zijn, kun je het beste een extra kleurcontrole uitvoeren. Rol daarvoor alle rollen behang ongeveer een meter af en leg de stroken dakpansgewijs over elkaar heen. Kleurverschillen vallen op deze manier direct op. Een afwijkende rol kun je natuurlijk ruilen. Bewaar wel de etiketten van de rollen.

Behang verwijderen
Als je bij het behangen van gipsplaat eerst behangwisselgrond toepast, kun je het behang later gemakkelijk verwijderen. Met stomen of nat verwijderen zal de kartonnen laag dan niet loslaten.

Dan wordt het nu tijd om met het behangen te gaan beginnen!

Behang aanbrengen 

  1. Behangbenodigdheden

    Stel het startpunt vast. Je begint ongeveer in het midden van een muur. Zet een potlood-streepje op de plaats waar de eerst baan moet komen. Meet daarna met een rol behang hoe je vanuit het gekozen startpunt uitkomt bij de hoeken, een deur of een raam. Kom je uit op een strook die smaller is dan 15 cm (erg lastig om te plakken), dan verschuif je het startpunt een halve baan.
  2. Trek een startlijn. Daarvoor gebruik je een schietlood (een touwtje dat iets korter is dan de hoogte van de wand met een gewichtje eraan). Hou het touwtje zo hoog mogelijk tegen de muur en trek een potloodlijn langs de zuivere verticale lijn die het touwtje toont.
  3. Snij de banen uit de rollen behang.
    a. Rol het behang uit op de tafel, met de goede kant boven.
    b. Geef met een potloodlijntje de juiste lengte + 10 cm aan.
    c. Sla het behang op het potloodlijntje dubbel.
    d. Knip of snij het behang op de vouw door.
    e. Laat de eerste baan op tafel liggen als je behang hebt gekozen met een aansluitend patroon. Verschuif de volgende banen daarop steeds tot de patronen precies passen en snij deze dan op maat.
    f. Heb je behang gekozen dat stortend geplakt moet worden, dan moeten de banen om en om ondersteboven geplakt worden. Dit om het patroon goed te laten doorlopen. Nummer alle banen op de achterzijde (1, 2, 3, enz) en geef de bovenkant aan. Plak daarna de oneven banen gewoon en de even banen ondersteboven.
  4. Breng lijm aan op de op maat gemaakte banen.
    a. Leg de baan zo op tafel dat hij aan twee kanten net een paar millimeter over de tafelrand heen steekt.
    b. Smeer lijm op het midden van de baan en strijk de lijm uit naar de overstekende randen. Zo blijft de tafel schoon.
    c. Verschuif de baan zodat de andere kant uitsteekt en smeer weer lijm vanuit het midden naar die zijkant.
    d. Vouw de bovenrand van de baan ongeveer 3 cm om en sla het ingelijmde deel daarna twee maal dubbel.
    e. Bestrijk de rest van de baan weer volgens b. en c. met lijm.
    f. Vouw ook de onderrand ongeveer 3 cm dubbel en sla het overblijvende deel éénmaal dubbel, ongeveer tot aan de het andere dubbelgevouwen deel.
  5. Behang aanbrengenPlak de banen op de wand.
    a. Beklim met de eerste baan over jouw arm de trap en neem de bovenrand van de baan tussen duim en wijsvingers.
    b. Druk de bovenrand van de baan in de hoek die gevormd wordt door het plafond en de startlijn. Daarbij mag de baan wel wat tegen het plafond aanzitten (dat snij je later weg), maar niet over de startlijn heen. Want als je de eerste baan precies langs de startlijn plakt, zit die recht en kun je de andere banen ook recht plakken.
    c. Borstel het bovenste deel vanuit het midden tegen de wand en in de bovenhoek (verschuiven kan nog: duw de baan met vlakke handen op de juiste plaats).
    d. Plak hierna het onderste deel langs de startlijn en borstel dit glad.
    e. Snij de banen tegen het plafond en langs de plint nauwkeurig af.
    f. Plak de volgende banen - afhankelijk van de soort behang die je hebt gekozen - tegen de eerste baan aan of 5 mm over de vorige baan heen.

Bij een binnenhoek:
Hoeken zijn lastig omdat er scheuren kunnen ontstaan in het behang. Dat kun je op de volgende wijze voorkomen.

Meet voor een binnenhoek de afstand tussen de laatste baan die je geplakt hebt en de hoek. Doe dat boven, onder èn in het midden. Tel bij de grootste breedte 4 cm op. Teken die breedte af op de baan behang en knip het resterende deel af. Plak de baan door de hoek. Neem nu opnieuw het touwtje met het gewichtje en trek een verticale lijn op de baan behang, op 2 cm van de hoek. Snij de baan behang langs deze strook bij. Plak daarna het restant van de baan ernaast, of begin hierna met een nieuwe baan.

Bij een buitenhoek:
Meet voor een buitenhoek de afstand tussen de laatste baan die je geplakt hebt en de hoek. Doe dat boven, onder èn in het midden. Tel bij de grootste breedte 3 cm op. Teken die breedte af op de baan behang en knip het resterende deel af. Plak de baan om de hoek heen. Plak het restant of een nieuwe baan een paar centimeter over de vorige baan heen. Als je een stotende naad wilt maken, snij je de overlappende naad in het midden door en trek je de twee smalle stukjes weg voordat je de banen aanborstelt.

Behangen op lastige plaatsen


Deuren en ramen

1. Laat de baan over het kozijn of de deurpost vallen en strijk het behang glad op de wand.
2. Knip het overtollige behang weg tot op 2 cm van het kozijn of de deurpost en maak een schuin knipje in de bovenhoek.
3. Borstel het behang tegen het kozijn of de deurpost.
4. Markeer de hoek van de deurpost of het kozijn. Knip vandaaruit het behang op maat.
5. Borstel tenslotte het behang nog eens goed in de hoek tussen wand en kozijn of deurpost.

Stopcontacten en schakelaars

1. Schakel eerst de stroom uit.
2. Verwijder de kap of afdekplaat.
3. Behang gewoon over het deel van stopcontact of schakelaar dat in de muur blijft zitten heen.
4. Borstel er voorzichtig overheen als je de behangbaan aanborstelt.
5. Knip/snij in het midden een kruisvorm.
6. Licht de punten één voor één op en knip ze weg tot een paar millimeter binnen de omtrek van het stopcontact of de schakelaar.
7. Borstel hierna ook dit deel van het behang goed vast.

Behang achter de radiator

1. Meet de ruimte op die je moet opvullen en knip de hoeveelheid behang die je nodig hebt, ruim af.
2. Stel vast waar de muursteunen uitgespaard moet worden en geef dat aan op het behang.
3. Breng op het behang behanglijm aan tussen de plaatsen waar de muursteunen moeten komen.
4. Knip het behang op de plaatsen waar de muursteunen moeten komen, van onder af in.
5. Smeer de rest van de baan in met behanglijm en laat het behang voorzichtig achter de radiator zakken.
6. Druk de baan goed aan met een dunne verfroller aan een stokje.